Aller au contenu. | Aller à la navigation

Navigation

Navigation
Menu de navigation
Actions sur le document

De stoet

De vrijwillige gemeentelijke Brandweermannen

Door hun aanwezigheid, op kop van de stoet, maken zij duidelijk dat de stoet sedert de (ruim) vijf eeuwen van zijn bestaan altijd groepen verzameld heeft die heel actief deel uitmaakten van het gemeentelijke leven.

L'Aigle à deux têtesDe tweekoppige Adelaar (Gewicht : 115 kg + kind; Hoogte : 3,30 m)

De Adelaar, sedert het koninklijk bezoek (1854) tweekoppig, symboliseert de stadswapens.  Hij danst op de muziek van Meslin-l'Evêque.  Voorheen had hij slechts één kop en verzinnebeelde hij misschien de adelaar van Johannes de Evangelist.  Hij vergezelde de kleermakersgilde sinds de 17de eeuw.

De sloep met de napolitaanse vissers

Deze praalwagen werd door de koorvereniging "Les Matelots de la Dendre" ontworpen.  Hij nam in 1856  in de stoet deel. De onrustige vastgeketende "wilde" toont de interesse voor het exotisme van toen.

Sint-Christoffel uit Flobecq

Volgens de gulden legende van Voragine droeg deze reus Christus over een stroom.  Hier loopt hij op stelten en leunt hij op een zware bloeiende stok.  De Sint-Christoffel figuur die in de 19de eeuw in de stoet aanwezig was, werd in 1976 opnieuw ingevoerd.

De "Blauwen"

Deze franse soldaten zijn de overlevenden van de oude gilde der kanonniers (arquebusiers).  Onder het bevel van hun commandant schieten ze met hun wapens.

Samson.jpgSamson (reeds aanwezig in 1679) (Gewicht : 121,5 kg, Hoogte : 4,30 m)

Als bijbelse figuur draagt hij de (omgeworpen) zuilen van de Tempel en tevens het kaaksbeen van een ezel.  Sedert het begin van de 19de eeuw draagt hij het uniform van een franse soldaat, net als zij die hem vergezellen, de groep der "Blauwen".  De fanfare van Moulbaix vergezelt deze groep.

De groep van het Kanon van Mont-Sarah

Als verwijzing naar de septemberrevolutie van 1830, werd deze groep in 1975 in de stoet ingeschakeld.  De kantwerkster Marie Anne Leroy spreekt haar medeburgers toe.  Allen zingen de aria van "La muette de Portici".

De praalwagen van Tuinbouw

De godin Flora troont midden bloemen en nimfen.  De praalwagen werd in 1850 ontworpen.

AmbiorixAmbiorix (aanwezig sinds de 18de eeuw) (Gewicht : 130,5 kg, Hoogte : 3,75 m)

Aanvankelijk was de reus der boogschutters gekend als "Tirant" (Schutter).  In 1850, draagt hij de naam Ambiorix.  Zo concretiseert hij de lokale en nationale geschiedenis beter zonder boog en pijlen te verliezen.  De fanfare van Irchonwelz doet hem dansen.

De hellebaardiers

Deze soldaten uit de 16de eeuw maken sedert 1877 deel uit van de stoet. Sedert 1885 vergezellen ze de wagen van de Provinciale Staten.  Ook zij verhogen de inbreng van de geschiedenis in het feestelijk gebeuren.

De praalwagen van de provinciale Staten

Samen met de vorige praalwagen, is die door de stad aangekocht in 1885.  Hij kreeg zijn huidige benaming om te herinneren aan het feit dat deze Staten in 1572 uit het graafschap Henegouwen plaatsvonden in Ath, terwijl Bergen in de handen van de Orangisten was.

De praalwagen der Binnenvaart in de 16de eeuw

Deze wagen verwees in 1885 naar het vervoer, toen de halve eeuw treinverbinding werd gevierd in Brussel.  Hij verwijst naar de Bargie die in de 16de eeuw en later Gent met Brugge ter water verbond.

VictoireMejeffrouw Victoria (1793, 1860) (Gewicht : 130 kg, Hoogte : 4,07 m)

In 1793 is deze reuzin gebouwd om de overwinning van Oostenrijk tegenover Frankrijk te vieren.  Zij verdween in 1794, maar is weer tot leven gebracht dankzij beeldhouwer Hector Ouverleaux die een nieuwe reuzin ontwierp naar tekeningen van de schilder Henri Hanneton.  De reuzin is een zinnebeeld van de stad Ath.  Zij draagt de stadskleuren : paars, geel en wit.  De fanfare van Lorette (Ath) begeleidt haar.

De praalwagen van Landbouw

De godin Ceres, omringd door boeren en boerinnen, troont tussen garven, korenaren en landbouwtuig.  Al in de stoet in 1860 werd die praalwagen in 1905 herbouwd als U die vandaag kan zien.  Hiermee wordt de belangrijkste economische sector van de buurt vertegenwoordigd;

De praalwagen van Albrecht en Isabella

Deze wagen werd in 1906 in de stoet ingelast.  Hij verwijst naar de regering van de aartshertogen die toentertijd de bouw van het stadhuis (1614-1624) hadden mogelijk gemaakt.

De Krijgslieden uit de 16de eeuw

Deze groep vergezelt de vorige wagen, vermoedelijk reeds sedert het begin van de 20de eeuw.

Cheval BayardHet ros Beiaard (Gewicht : 632 kg + kinderen, Hoogte : 6,30 m)

Het reuze paard met de vier Heemskinderen maakte reeds in 1462 deel uit van de stoet.  De groep verdween in de loop van de 16de eeuw en werd op initiatief van een plaatselijke turnvereniging opnieuw ingelast.  Dit dankzij beeldhouwer René Sansen.  Het ros loopt op wielen maar zestien dragers doen het dansen op de muziek van de schilderachtige fanfare van Huissignies.

De praalwagen der 9 Provinciën

Deze wagen is rond 1880 door de Brusselse decorateur Govaert ontworpen.  Een godin, zinnebeeld van België, wordt vergezeld door negen maagden die elk het wapen van een provincie dragen.

De groep van de vijf kantons

Vijf ruiters dragen elk het vaandel van één der vijf kantons van het arrondissement Ath : Ath, Chièvres, Vloesberg, Frasnes-lez-Buissenal en Quevaucamps.

De groep van de 19 gemeenten

Sinds 1997 bestaat die nieuwe groep met de wapens van Ath en de 18 gemeenten die sinds 1977 tot Ath behoren.

De praalwagen van de Stad Ath

Deze praalwagen werd in 1850 ontworpen in opvolging van een soortgelijke wagen die sedert 1715 deel uitmaakte van de stoet.  De stadsgodin troont er in een tempel boven heel wat beroemde figuren die invloed hebben gehad op de stadsgeschiedenis.

GoliathStjul12.JPGGoliath (1481) (Gewicht : 129,5 kg, Hoogte : 3,95 m)
en zijn bruid (1715) (Gewicht : 117,5 kg, Hoogte : 3,90 m)

De Filistijn loopt er in gezelschap van de herder David.  Goliath en zijn bruid dansen op maten van een middeleeuwse wijs en dit op twee welbepaalde plaatsen : op de Molenbrug en op de Gadrebrug.  De fanfare St-Martinus begeleidt hen.